BEL 0900-0609, toets het nummer in van de door u gekozen consulent en bespreek direct uw probleem (90 ct/min)

Hoe verdeelt u alles bij scheiding?

In deze blog leest u in welke stappen u tot een verdeling komt. Dit zijn de volgende stappen:

  1. vaststellen op welke manier verdeeld moet worden bij:
  2. peildatum voor de omvang kiezen
  3. alle bezittingen en schulden op een rij te zetten in een verzamelstaat en verdeelstaat
  4. peildatum voor de waardering kiezen
  5. een waarde hangen aan alle gemeenschappelijke bezittingen en schulden
  6. indien nodig taxaties laten uitvoeren
  7. definitieve verdeling maken en de afkoopsom bepalen
  8. eindafrekening maken

 

Stap 1) Vaststellen op welke manier verdeeld moet worden

Hoe er verdeeld moet worden hangt af van de juridische status van uw relatie. Ze komen hieronder 1 voor 1 aan de orde.

 

Verdeling bij gemeenschap van goederen

Als u vooraf aan het huwelijk geen afspraken heeft vastgelegd bij de notaris dan geldt dat u in ‘algehele gemeenschap van goederen’ de relatie bent aangegaan. Bij algehele gemeenschap van goederen zijn alle zaken die u en uw ex- partner bezitten gemeenschappelijk. Als u gaat scheiden moet dus ook alles aan vermogen en schulden worden verdeeld. Dus ook de schulden en het vermogen die u al vóór het huwelijk of geregistreerd partnerschap had.

Vanaf 1 januari 2018 geldt de Wet Beperkte gemeenschap van goederen. U gaat dan geen huwelijk of geregistreerd partnerschap aan in algehele gemeenschap van goederen.

In plaats daarvan trouwt u of sluit u een geregistreerd partnerschap in beperkte gemeenschap van goederen. Al uw persoonlijke bezittingen en schulden die u vóór het trouwen had, blijven van u alleen.

Schenkingen of erfenissen die u ontvangt voor en tijdens uw huwelijk, zijn van u persoonlijk. Tenzij de schenker anders heeft bepaald of in het testament iets anders is aangegeven.

Bezittingen en schulden die u na het trouwen krijgt, zijn van u samen. Als u uit elkaar gaat, krijgen u en uw partner elk de helft van de gemeenschappelijke bezittingen en schulden.

U kunt met de nieuwe wet nog steeds huwelijkse voorwaarden of partnerschapsvoorwaarden maken.

 

Niet gemeenschappelijk vermogen bij een gemeenschap van goederen

Ook al heeft u een huwelijk of geregistreerd partnerschap met een algehele gemeenschap van goederen, dan zijn er evengoed uitzonderingen op de regel dat alles verdeeld moet worden. De volgende zaken vallen niet standaard in de gemeenschap en worden bij scheiding dus ook niet standaard verdeeld:

  • Verknochte goederen
    Dit zijn strikt persoonlijke spullen die alleen zinvol gebruikt kunnen worden door de bezittende partner. Denk aan kleding, protheses, immateriële (persoonlijke) schadevergoedingen en sieraden voor normaal gebruik.
  • Tijdens huwelijk of partnerschap opgebouwd pensioen
    Pensioen valt standaard buiten de verdeling van het huwelijkse vermogen. U leest hierover meer in de blog over pensioenverdeling.
  • Wat is verkregen door ‘vruchtgebruik’ zoals bedoeld in het erfrecht
    Dit is bijvoorbeeld het geval als een ex-partner een woning uit een erfenis heeft en die op eigen naam verhuurt. De inkomsten hieruit worden niet verdeeld bij de scheiding, behalve als het gaat om het gebruik van de woning of andere goederen die bedoeld zijn voor de verzorging van een partner.
  • Wat is verkregen onder schriftelijke ‘uitsluiting’
    Dit kunnen erfenissen of schenkingen zijn waarbij schriftelijk is vastgelegd dat bij scheiding en/of overlijden niets toekomt aan de andere ex-partner. Om er zeker van te zijn dat ze uitgesloten zijn van het gemeenschappelijk vermogen, kunt u deze schenkingen of erfenissen het beste laten vastleggen door een notaris.

 

Verdeling bij huwelijkse- of partnerschapsvoorwaarden

Als u een huwelijk of partnerschap bent aangegaan onder huwelijkse of partnerschapsvoorwaarden waarin is opgenomen dat vermogens niet gemeenschappelijk zijn dan kunt u tóch zaken gemeenschappelijk hebben zoals een inboedel. Het komt maar weinig voor dat tijdens het huwelijk of het geregistreerd partnerschap alles strikt gescheiden is gebleven. En regelmatig blijkt onverwacht dat tóch alles gemeenschappelijk is. Lees maar even verder!

Als er sprake is van huwelijkse voorwaarden of partnerschapsvoorwaarden, dan gaat men er vaak automatisch vanuit dat de ex-partner geen recht heeft op bepaalde zaken bij scheiding. In bepaalde gevallen kan dit toch heel anders voor u uitpakken, zie onderstaande twee situaties:

 

Finaal verrekenbeding

Als u een finaal verrekenbeding in uw voorwaarden heeft staan dan moet u bij scheiding de  vermogens van uw beiden verrekenen alsof ze gemeenschappelijk zijn. Dit betekent dat achteraf ook daadwerkelijk het gemeenschappelijk vermogen van u beiden verrekend moet worden.

 

‘Niet uitgevoerd periodiek verrekenbeding’

Bij een ‘periodiek verrekenbeding’ heeft u met elkaar afgesproken dat u, meestal jaarlijks, het overgespaard inkomen onderling zal verdelen. De meeste gehuwden en geregistreerd partners doen dat echter niet en houden ook geen administratie bij waaruit blijkt dat ze periodiek verrekend hebben. Het periodiek verrekenbeding is dan niet uitgevoerd. Bij uw scheiding zal dan toch, zoals bepaald in de wet, alles behalve zaken uit de voorhuwelijkse periode en uitgesloten schenkingen en erfenissen, verrekend moeten worden. Als u bijvoorbeeld eigenaar bent van (een gedeelte van) een bedrijf, kan dat voor vervelende verrassingen zorgen.

 

Verdeling na samenwoning

Als samenwoners heeft u vaak een ‘eenvoudige gemeenschap’.  Dit betekent dat u bepaalde vermogens of schulden gezamenlijk heeft zoals het gezamenlijk eigendom van een woning en een gezamenlijke bankrekening.

Er is voor samenwoners geen wet- en regelgeving voor de verdeling bij scheiding. Zaken die gemeenschappelijk zijn moeten verdeeld worden in goed overleg. De verdeling kan worden vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst. Deze kunt u zelf opstellen of met ondersteuning van een notaris, advocaat of mediator.  Advies is om uw afspraken juridisch, fiscaal en financieel te laten toetsen door een deskundige.

Lees meer over de verdeling na samenwoning in de blog ‘Het beëindigen van samenwoning’.

 

Stap 2) Peildatum voor de omvang kiezen

Spreek een peildatum voor de omvang af. De peildatum voor de omvang bepaalt welke vermogensbestanddelen -los van de waarde die zij hebben- wel en niet tot de gemeenschap behoren. Meer informatie over de peildatum vindt u in de blog ‘Wat is een peildatum en welke peildatum kiest u bij scheiding?’.

 

Stap 3) Alle bezittingen en schulden op een rij te zetten

Bij stap 3 zet u alle gemeenschappelijke en privé bezittingen en schulden op een rij. Met een duidelijk totaaloverzicht voorkomt daarmee onduidelijkheden en verrassingen achteraf. Het is vervelend en kostbaar om na de scheiding vermogen te moeten vorderen via een advocaat bij de rechtbank.

Alle bezittingen en schulden die op de peildatum voor de omvang gemeenschappelijk waren zet u vervolgens in de verzamelstaat. In stap 6 (lees verderop) worden deze verdeeld over twee verdeelstaten. Deze ‘staten’ vormen de kern van het scheidingsconvenant.

Het opstellen van een verzamelstaat en een verdeelstaat zorgt voor een beter inzicht in het gemeenschappelijke vermogen en de eventueel ingebrachte privévermogens.

 

Verzamelstaat

Een verzamelstaat is een opsomming van alles wat u en uw ex-partner aan gemeenschappelijk vermogen hebben. U ziet in één oogopslag wat u gemeenschappelijk heeft aan bezittingen en schulden. Hoe alles moet worden verdeeld is een volgende stap.

 

Verdeelstaat

De verdeelstaat is een overzicht waarin u kunt zien aan wie de verschillende vermogensonderdelen van het gemeenschappelijk vermogen zijn toebedeeld en in welke mate, bijvoorbeeld geheel, exact voor de helft of in een andere verhouding.

 

Balans

Als het vermogen gemeenschappelijk is, is het uitgangspunt dat er in stap 6 (lees verderop) balans ontstaat bij de verdeling tussen ex-partners. Dat wil zeggen dat zij onder aan de streep gelijk uitkomen. Er is dan geen ‘verdeelverschil’. Er is geen bevoordeling of benadeling dus er hoeft niets verrekend te worden.

 

Stap 4) Peildatum voor de waardering kiezen

Bij stap 3 kiest u samen een peildatum die net vóór de scheiding ligt. Per die datum stelt u de waarde of de hoogte van de bezittingen en schulden vast.

Meer informatie over de peildatum vindt u in de blog ‘Wat is een peildatum en welke peildatum kiest u bij scheiding?’.

 

Stap 5) Een waarde hangen aan alle gemeenschappelijke bezittingen en schulden

Om gemeenschappelijke bezittingen en schulden zo goed en eerlijk mogelijk te kunnen verdelen, dient u te weten wat deze waard zijn op de peildatum voor de waardering.

De waarden van die bezittingen en schulden worden zoveel mogelijk vastgesteld op basis van de volgende uitgangspunten:

  • zo actueel mogelijk
  • op nettobasis
  • de waarde in het economische verkeer. Kortweg WEV genoemd.
  • de huidige contante waarde van de bezitting of schuld.

 

Er zijn verschillende manieren om de waarde te bepalen van uw bezittingen en schulden:

  • Door de daadwerkelijke verkoopwaarde aan te houden
  • Door de onderling verrekende waarde aan te houden
  • Door een officiële taxateur. Met name bij: woning, inboedel, bijzondere hobby’s
  • Door een officiële opgave van instanties zoals verzekeraars en banken. Bijvoorbeeld afkoopwaarde verzekeringspolissen, banksaldi, beleggingsfondsen
  • Door een onafhankelijk professional op het desbetreffende gebied, zoals een registeraccountant, pensioenadviseur of vermogensbeheerder
  • Door een eigen of gezamenlijke inschatting van partners.

 

De werkelijk betaalde of onderling verrekende waarde gaan altijd voor op andere manieren van waardering (taxatie). Een uitzondering hierop is in geval van fraude. In dat geval kan bijvoorbeeld de Belastingdienst de waarde bijstellen en bij gebleken benadeling een belastingaanslag opleggen. Bijvoorbeeld als de ene partner de woning overneemt van de andere partner voor een bedrag dat flink onder de marktwaarde ligt dan is het verschil tussen de overeengekomen waarde en de waarde economisch verkeer zo groot dat de belastingdienst de uiteindelijke verkoopprijs als ‘onzakelijk’ kan betitelen en niet accepteert als een correcte waarde in het economische verkeer. Het verschil tussen deze twee waarden kan dan worden aangemerkt als schenking waarover belasting moet worden betaald.

 

Pro memorie posten

Eventuele zaken waarvan u de waarde nog niet weet zoals dure sieraden of inventaris kunt u onder de noemer ‘pro memorie’ opnemen.

Als de waarde van een post in de vermogensverdeling onbekend is dan wordt deze waarde aangeduid met ‘p.m.’. P.m. is de afkorting van: pro memorie dat ’ter herinnering’ betekent.

Dit geldt vaak voor de posten ‘kleding en/of sieraden’, ‘inboedel’ of ‘belastingaanslag’.

Het is toegestaan om een ‘p.m.’ in het convenant te laten staan. Het advies is echter om voordat het convenant definitief samen af te spreken wat u doet met pro memorie posten doet, met name  bij pro memorie posten die niet ‘bij helfte wordt verdeeld’. Zo voorkomt u onenigheid.

 

Stap 6) Indien nodig taxaties laten uitvoeren

Bij deze stap schakelt u een officiële taxateur in om de waarde van bepaalde zaken vast te stellen.  Bijvoorbeeld omdat u het lastig vindt om zelf de waarde te bepalen of omdat u het niet eens kunt worden over een waarde. Met name bij: woning, inboedel, bijzondere hobby’s

Bent u ondernemer en moet de waarde van de onderneming worden bepaald? Dan is de blog ‘Bedrijfswaardering (taxatie) bij scheiding’ misschien ook interessant voor u.

 

Stap 7) Definitieve verdeling maken en de afkoopsom bepalen

Bij deze stap wordt alles wat gemeenschappelijk is verdeeld over twee verdeelstaten. Bepaal per goed aan welke ex-partner het wordt toebedeeld en in welke mate, bijvoorbeeld geheel, exact voor de helft of in een andere verhouding. Ga daarbij zo pragmatisch mogelijk te werk.

Als de ene ex-partner onder aan de streep meer of minder verhoudt dan de andere ex-partner dan is er sprake van overbedeling of onderbedeling. De ex-partner die meer krijgt moet dan de andere partner met geld compenseren. Dit wordt de ‘afkoopsom’ genoemd.

Compenseren met goederen kan ook.

 

Wat als u een afkoopsom moet betalen maar u heeft daar geen geld voor?

Als u een afkoopsom niet kunt betalen dan kunt u dit oplossen door:

  • een lening af te sluiten
  • een betalingsregeling af te spreken met uw ex-partner
  • het verdeelverschil zo klein mogelijk te maken, door bijvoorbeeld de inboedel anders te verdelen.

 

Wat als de afkoopsom uiteindelijk niet wordt betaald?

Dan kan de fiscus dit beschouwen als een schenking of als een afkoop van partneralimentatie. In beide gevallen moet de ontvanger van de ‘schenking’ belasting betalen. Heeft u recht op een afkoopsom maar uw ex-partner betaalt niet? Dan kunt u een deurwaarder inschakelen, maar dan moet wel het scheidingsconvenant zijn vastgelegd in een gerechtelijke beschikking of door een notaris en daarmee een executoriale titel hebben gekregen. Is het scheidingsconvenant niet vastgelegd door een rechtbank of notaris, dan is een gang naar de rechter nodig.

 

Stap 8) Eindafrekening maken

In het meest ideale geval heeft u afgesproken dat de peildatum van de omvang gelijk is aan de peildatum van waardering én dat de peildatum van waardering ook meteen de definitieve peildatum van waardering is. In dat geval hoeft u geen eindafrekening te maken.

Als u bij een overlegscheiding níet heeft afgesproken dat de peildatum van waardering de definitieve datum van waardering is, dan geldt de officiële scheidingsdatum als definitieve peildatum. U moet dan een eindafrekening maken. Waardestijgingen en -dalingen tussen de peildatum en de formele scheidingsdatum worden dan verrekend. Lopende inkomsten en/of uitgaven vanaf de peildatum tot de formele scheidingsdatum worden toegerekend aan één van de partners.

Als de waarden of standen op het moment van de officiële scheidingsdatum niet zijn gewijzigd ten opzichte van de peildatum van de waardering, kunt u gewoon uitgaan van de waardering en verdeling zoals beschreven in het scheidingsconvenant.

De kans is echter groot dat tussen de peildatum en de officiële scheidingsdatum de waarden van een aantal zaken veranderd zijn. Bepaalde posten kunnen inmiddels in waarde gedaald zijn, zoals een auto of een hypotheeklening met periodieke aflossingen. Andere posten kunnen juist weer gestegen zijn, zoals een beleggingsrekening of een waardevol kunstvoorwerp.

Er zijn ook waarden die niet op korte termijn zullen veranderen. Tenminste, zolang één van u beiden niet zelf de waarde heeft veranderd door bijvoorbeeld verkoop, wijziging, wisseling, beschadiging, herbelegging of exploitatie van het goed of geld.

Zaken die in waardering niet op (zeer) korte termijn veranderen zijn:

  • Inboedel
  • De koopwoning of andere goederen dan inboedelgoederen, als u samen een prijs heeft afgesproken waarvoor één van u beiden de woning of goederen overneemt.
  • De te compenseren onttrekkingen uit uw gemeenschappelijk vermogen door u of uw ex-partner tijdens het huwelijk.
  • Verzekeringen met garantieclausule, vastrentende fondsen of spaarrekeningen. Die standen veranderen niet op korte termijn.

 

Hoe?

Als de waarden of standen zijn gewijzigd is het juridisch en fiscaal de bedoeling dat de verschillen verrekend worden. Maar hoe doet u dat?

  1. U bekijkt wat op de officiële scheidingsdatum uw gemeenschappelijke bezittingen en schulden waard waren
  2. U bepaalt wat het verschil is in waarde tussen de peildatum en de officiële scheidingsdatum
  3. Het verschil wordt door beide ex-partners gedeeld.

 

Twee voorbeelden:

  • Stel dat in het scheidingsconvenant staat dat de woning getaxeerd is op € 250.000,- en dat de opbrengst van de verkoop van de woning geheel naar de man gaat. De vrouw krijgt de rest van het vermogen, dat ook een waarde heeft van € 250.000,-. Als de woning uiteindelijk wordt verkocht voor € 200.000,- dan wordt de man onderbedeeld voor € 50.000,-. Dit moet alsnog verrekend worden. De man heeft alsnog recht op € 25.000,- (de helft van de onderbedeling) van de vrouw.
  • Stel dat het saldo van een bankrekening op de peildatum € 1.000,- is en op de officiële scheidingsdatum € 1.500,-, dus er is een positief verschil van € 500,- ten opzichte van de stand zoals opgenomen in het convenant. Omdat het saldo beide ex-partners toekomt, wordt ook het positieve verschil gedeeld en hebben beide ex-partners ieder € 250,- meer aan vermogen dan werd aangenomen.

Wilt u een probleem voorleggen aan één van onze consulenten? Kijk wie er nu beschikbaar zijn.